Samen Opleiden

Steeds vaker komt het voor dat een aios in de huisartsenpraktijk wordt opgeleid door twee -bijvoorbeeld in deeltijd werkende- huisartsopleiders (hao’s). Deze constructie is vaak te zien in grotere complexere praktijken.  Dit kan voor de aios de volgende voordelen opleveren: 
  • bij meerdere huisartsen in de keuken mogen kijken
  • twee werkstijlen leren kennen
  • van verschillende collega’s verschillende dingen kunnen leren
  • leren werken in een complexer samenwerkingsverband

 
Ook voor de opleider heeft het samen opleiden voordelen: 

  • de verdeling van de taken kan worden afgestemd op ieders kwaliteiten
  • ze kunnen  samen beoordelen

Samenwerkingsvormen

Er zijn twee constructies mogelijk om met z’n tweeën een aios op te leiden  (twee opleiders bieden samen één opleidingsplaats aan). 

Duo-opleiders: Beide opleiders in een duo zijn volwaardige RGS-erkende opleiders. Er is één hoofdopleider per aios. 

Hoofdopleider met maatje: De hoofdopleider leidt samen op met een ‘maatje’. Dit is een niet als opleider erkende huisarts, die de aios maximaal een halve dag per week begeleidt. 

Duo-opleiders

We spreken dus van duo-opleiderschap bij alle constructies waarbij twee RGS-erkende opleiders samen één opleidingsplaats aanbieden. Elke combinatie in de verdeling van het opleiderschap is mogelijk. Wel is er bij elke aios één opleider die als hoofdopleider fungeert. Indien de duo-partners elk een eigen praktijk hebben, met patiënten op naam, dan werkt de aios met de patiëntenpopulatie van de hoofdopleider. Dit geldt ook voor de zelfstandige periode. 

Hoofdopleider

De hoofdopleider is juridisch en organisatorisch verantwoordelijk voor het opleiderschap, zowel in de praktijk als in de relatie met het opleidingsinstituut.  De hoofdopleider is verantwoordelijk voor het
uitvoeren en dus het verdelen van de in de checklist werkafspraken beschreven afspraken. Aan de hand van de checklist wordt besloten wie welke taak op zich zal nemen. De checklist maakt deel uit van het leerwerkplan dat de RGS verplicht heeft gesteld in het kader van de erkenning als opleider. 

De hoofdopleider krijgt ook de forfaitaire accrediteringspunten voor het opleiderschap. Daarnaast is hij het aanspreekpunt voor de groepsbegeleiders. Het is een aanvullende opleidingseis van de huisartsopleiding Groningen dat iedere duo-opleider minimaal één keer per 4 aiossen hoofdopleider is.  De SBOH keert de opleidersvergoeding uit aan de hoofdopleider.

Hoofdopleider met maatje

Er is sprake van opleiden met een ‘maatje’ als een niet als opleider erkende huisarts de aios maximaal een halve dag per week begeleidt. De hoofdopleider heeft dan dezelfde verantwoordelijkheden als beschreven bij duo-opleiderschap. 

Het maatje geeft de hoofdopleider voor ieder voortgangsgesprek informatie over zijn beeld van functioneren van de aios; overdracht over vorderingen, ontdekte lacunes en besproken onderwerpen.

Kwaliteitsbewaking

Elke duo-opleider heeft een eigen opleidersdossier. De aios evalueert elke opleider apart met behulp van de LEOh. Beide opleiders hebben een voortgangsgesprek. De frequentie is afhankelijk van het expertiseniveau van de opleider.

Eigen opleiding

Scholing bij de start van het opleiderschap
Beide duo-opleiders volgen de introductiecursus en de startersochtend. Iedere startende (duo-)opleider leidt in aansluitende opleidingsperiodes twee eerstejaars aiossen op en volgt hiertoe de eerste twee modules van het scholingsprogramma. Na de begeleiding van de twee aiossen volgt er een individueel voortgangsgesprek volgens het principe van de 360oŠ feedback met de startende (duo-)opleider(s). 

Reguliere opleidersdagen
Het instituut verzorgt een scholingscurriculum voor opleiders. Deze scholing omvat minimaal 8 opleidersdagen. De hoofdopleider wordt geacht het opleidingsprogramma volledig te volgen als onderdeel van het hoofdopleiderschap. Duo-partners en maatjes zijn uiteraard welkom op de opleidersdagen in het geval de duo-opleiders het opleidingsprogramma samen willen volgen.  

Maatjes
Daarnaast kan het instituut aparte  scholing aanbieden voor maatjes. Zij worden geacht hieraan deel te nemen.